Afdrukken
Categorie: Mooie Verhalen
Hits: 19827

 

5 november 1973 startte ik mijn loopbaan in de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking op Borneroord in Beetsterzwaag.

 

Amper een week nadat ik mijn intrek had genomen in de personeelsflat, werd ik benaderd door Martin Krist. Er ging al snel een gerucht dat ik toetsen speelde en de net gevormde Borneroord band Interlude  zocht een toetsenist. Op de eerste oefenavond trof ik de voltallige band; Martin Krist sologitaar, Henk Krist basgitaar, peter v.d. Meulen zang + slaggitaar en Gerrit Zwerver op drums. Ook was aanwezig de manager van de band Willy Scholte van het theaterbureau Friesland. Aangezien ik niet over toetsen beschikte stond daar in vol ornaat een Farfisa tweeklaviers orgel met 2 Davoli boxen. De losse versterker weet ik  de naam even niet meer. Willy Scholte wist mij te overtuigen de set te kopen,  weliswaar op afbetaling, en deed daar nogal luchtig over terwijl het in mijn beleving om een enorm bedrag van 1200 gulden ging. Even voor de  beeldvorming was dat 4 maal een maandloon. Al vrij snel werd ik door Willy Scholte gebombardeerd tot muzikaal leider van de band. Wat dat dan ook maar mocht betekenen, want als 17 jarige had ik geen enkele ambitie om enig gewicht in de schaal te leggen, laat staan verantwoordelijkheden te nemen. Maar het ego werd wel gestreeld en dus werd in de ‘leider’ van de band. De rockband speelde voornamelijk covers van o.a. CCR, The Stones, bBeatles  Jimy Hendriks , maar ook eigen werk werd niet geschuwd. Mijn eerste inbreng was het nummer ‘Ballad of Israël’. Ik was toen nog een  pro Israël mannetje. Het nummer was instrumentaal maar ging inhoudelijk toch over de oorlog, met grimmige en melancholische passages.

 

In bovenstaande periode was ik zelf fan van Children of Jubal. Zanger Geert v.d. velde was mijn popidool en ik kende hem vanuit onze gezamenlijke woonplaats Surhuisterveen samen speelden wij in de gospelgroep Shalom Singers. 

 

Nota bene deze band vroeg mij om toetsenist bij Children te worden, maar heb dat afgeslagen omdat de net opgerichte band Lanterfant Rockband net wat meer lonkte. Heb daar achteraf wel lichtelijk spijt van gehad omdat het mij muzikaal en creatief toen iets verder had kunnen brengen dan de band waar ik voor koos.

 

Na een jaar verliet zanger Peter  en drummer Gerrit de band en kwamen zanger  Henk de Leeuw  en drummer Hendrik Overwijk beide uit Gorredijk de vacante plaatsen innemen. Dit werd tevens het moment om de naam van de band te veranderen in Dead Mans Handle, en kwam er wat meer  underground en eigen muziek om de hoek kijken . Er kwamen meer show elementen zoals een lichtinstallatie maar ook werden de bandleden voor een optreden flink opgemaakt met make-up en opvallende kleding. In deze bezetting zijn een tweetal jaren redelijk wat optredens geweest , met name in het schoolfeestencircuit naar ik meen, maar vooral ook en geweldig optreden in De Skâns te Gorredijk met in het voorprogramma de Kier v.d. Werf band.

 

De volgende band die na het vertrek van drummer Hendrik Overwijk werd opgericht was de Lanterfant Rockband met als uitvalsbasis het padvindershuis in Drachten.  De vervanger van Hendrik werd Otto Neef en er kwam een tweede sologitarist bij in de persoon van  Simon Plantinga ook uit Gorredijk. De invloed van Simon resulteerde in meer eigen nummers mar ook werd het aantal decibels behoorlijk opgevoerd. Het eerste serieuze optreden van de band was in het Koetshuis te Beetsterzwaag van eigenaar Joep en Ynskje Slump. Zanger Fokke Fokkema, zanger van de funk band Condor werd ziek en Condor moest het concert afblazen wat in het Koetshuis plaats zou vinden. Aangezien ik ( Adri ) kind aan huis was in deze kroeg kwam mij dit ter ore en gaf aan dat wij wel wilden inspringen in het ontstane ‘gat’ onder dezelfde betalingscondities maar daar ging Joep niet mee akkoord en werd afgesproken dat wij voor entree gingen spelen. Dankzij de poster waarin Condor werd aangekondigd kwam er veel puibliek op af, werd het bommetje vol en wij vingen met de entreegelden meer dan de prijsafspraak die er eerder lag met Condor. Was lachten dus. Daarnaast kreeg de Lanterfant Rockband  het predicaat hardste band ooit gespeeld in het Koetshuis, nog harder dan Herman Brood met zijn Wild Romance.

 

Na een aantal geweldige jaren met deze band ben ik zelf er uit gestapt omdat ik me niet meer kon vinden in het volume waarmee werd gespeeld. Een 450 watt Lesley naast mijn orgel kon ik nog amper horen. Hoge tonen gaven nog aan dat ik toetsen indrukte. Met een gehoorbeschadiging rijker werd deze periode , overigens zonder ruzie, afgesloten.

 

Na de Lanterfant Rockband ben ik doorgegaan met Geert v.d. Velde en zijn vrouw in de religieuze band ‘Mirre’ waarmee we een 8 tal jaren door Friesland optraden vooral in kerkdiensten. Eind 80 er jaren kwam ik in aanraking met friestalige liedjes. Een friestalige musical geschreven door Sikke Marinus , Leffert Nicolai en mij voor en door Borneroord personeel bracht mij hiermee in aanraking. Op de melodieën werd door Sikke na de laatste uitvoering van de musical een aantal nieuwe teksten geschreven die ik ben gaan performen op het Tsjoch festival in de Lawei. Door mij deed de synthesizer zijn intrede op het Tsjoch festival. Tot mijn verassing waren de reacties nogal positief en werd ik aangespoord vooral door te gaan met dit soort luisterliedjes. Hier is toen de basis gelegd voor mijn huidige plek als friestalig troubadour.

 

 

De periode 1989 – 1998 heeft de band ADRI&SA door Friesland  rondgereisd als begeleidingsband rondom Adri zijn liedjes.

 

Willy Scholte speelde in de laatste band geen rol meer, maar rondom Willy weet ik nog dat in de eerste ontmoeting ik hem niet echt wist in te schatten. Een kort gedrongen man, dikke bril , ‘te lang; haar voor een man op ‘leeftijd’  vond ik. Willy keek je altijd indringend aan en voor zover ik me dat kan herinneren lachte hij niet veel. Woonde in een twee onder 1 kap huisje in de vogeltjesbuurt.

 

De eerste keer dat ik daar naar binnen ging met nar ik geloof Martin Krist wist ik niet waar ik het eerst moest kijken. Het hele huisje stond vol met apparatuur, gitaarversterkers, zanginstallaties en noem maar op. Het woonhuis was een zoete inval voor muzikanten, al heb ik geen idee wie ik daar allemaal ontmoet heb. De conversaties gingen altijd over muziekinstrumenten , optredens etc. Willy wist in mijn optiek erg veel over wat er zich in de regio aan muziek zich afspeelde. In het eerste jaar dat ik hem meemaakte ging ik eens als 18 jarige met hem naar een muziekzaak in Amsterdam om wat spullen te halen. Op de terugweg vertrouwde Willy Scholte mij de plek achter het stuur toe terwijl ik nog rijles genoot van Henk Hofstra uit naar ik meen De Tynje. Voelde me een hele piet om een donkergroene Peugeot stationwagen te mogen besturen.

 

De manager Willy is in mijn beleving nooit echt goed uit de verf gekomen. Het Theaterbureau Friesland. Had wel een aantal bands waar ik eigenlijk niet meer de namen wist, maar kan me ook niet echt  herinneren dat dit bureau optredens voor ons binnenhaalde. Na de periode met de bands ben ik Willy wat uit het oog verloren, kwam enkel nog wel in zijn nieuwe trots een heus winkeltje ook in de vogeltjesbuurt  maar het contact  werd steeds minder intensief.

 

Het overlijden van Willy Scholte heb ik dan ook  pas ver na zijn overlijden mee gekregen.